Terug naar hoofdinhoud

Kabinet wil meer zekerheid voor werkgevers bij re-integratie

Het kabinet wil de onzekerheid bij werkgevers wegnemen over de vraag of zij genoeg hebben gedaan voor hun zieke werknemer. In een nieuw wetsvoorstel van de ministers Aartsen (Werk en Participatie) en Vijlbrief (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) wordt het advies van de bedrijfsarts leidend bij de UWV-toets na 2 jaar ziekte. De ministerraad heeft ermee ingestemd om het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer te sturen. Het wetsvoorstel wordt zo snel als mogelijk via de Koning bij de Tweede Kamer ingediend.

RIV-toets

Bij ziekte moet een werkgever nu 2 jaar het loon doorbetalen en helpen bij de re-integratie van de zieke werknemer. Na deze periode beoordeelt UWV met de re-integratieverslagtoets (RIV-toets) of de inspanningen voldoende waren. Is dat niet zo, dan kan de werkgever een loonsanctie van maximaal een jaar krijgen. In de nieuwe situatie biedt het advies van de bedrijfsarts werkgevers vooraf zekerheid: als zij dit advies opvolgen, voldoen ze aan hun verplichtingen. Dit bespaart bovendien werk voor UWV-verzekeringsartsen. Zij houden meer tijd over voor het beoordelen van uitkeringsaanvragen.

Kwijtschelding voorschotten

Na 2 jaar ziekte kunnen werknemers een WIA-uitkering aanvragen. Door lange wachttijden bij UWV zitten zij echter vaak lang in onzekerheid. De (ex-)werknemer kan dan een voorschot op de uitkering krijgen. In het wetsvoorstel is opgenomen dat dit voorschot niet hoeft te worden terugbetaald als na de beoordeling blijkt dat degene geen of een lager recht heeft op een WIA-uitkering. Ook verandert de manier waarop WIA-voorschotten worden gefinancierd.

Wijzigingen Wajong

Het wetsvoorstel bevat ook enkele verduidelijkingen voor de Wajong. Jonggehandicapten die 5 jaar onafgebroken werken en genoeg verdienen, behouden hun recht op een uitkering als zij werken via een beschutte werkplek, met loondispensatie, loonkostensubsidie of een interne jobcoach. UWV voert dit op verzoek van het kabinet al uit sinds 1 januari 2026. Daarnaast vervalt het garantiebedrag als de Wajong-uitkering langer dan 12 maanden is stopgezet.

Lees meer …Kabinet wil meer zekerheid voor werkgevers bij re-integratie

Bpm: extra controles aangiften bpm met taxatierapport

Doet u binnenkort met een taxatierapport aangifte bpm (belasting van personenauto’s en motorrijwielen) voor een gebruikt motorrijtuig? De Belastingdienst gaat deze aangiften voortaan extra controleren.

Dit betekent dat:

  • ze u kunnen vragen het motorrijtuig te laten zien
    Ze controleren dan of de schade in het taxatierapport klopt.
  • ze kunnen controleren of het moment van taxatie binnen 1 maand voor afronding van de RDW-keuring was

Eisen aan een taxatierapport

Alle eisen aan een taxatierapport vindt u bij Bpm afschrijving gebruikte motorrijtuigen.

Dit kunt u zelf doen

Controleer voordat u aangifte bpm doet of uw taxatie voldoet aan de eisen. Alleen dan kan de Belastingdienst uw aangifte in behandeling nemen. En kunt u een kenteken krijgen.

Lees meer …Bpm: extra controles aangiften bpm met taxatierapport

Meer zekerheid voor mensen met een flexcontract

De Eerste Kamer heeft 7 juli ingestemd met de wet ‘meer zekerheid flexwerkers’ van minister Hans Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Werknemers met een flexibel arbeidscontract krijgen daardoor per 1 januari 2028 meer zekerheid over hun inkomen en hun werktijd. In Nederland heeft 3 op de 10 werknemers een onzeker flexcontract. Nergens in Europa is dat aandeel zo hoog. Door deze wet komen er strengere regels om draaideurconstructies met tijdelijke contracten te voorkomen. En oproepcontracten worden vervangen door contracten met een minimumaantal uren dat je standaard wordt betaald en ingeroosterd.

Minister Hans Vijlbrief: “Werk moet mensen zekerheid bieden. Over het aantal uren dat ze moeten werken en over hoe hoog hun inkomen is. Dat geeft een stabiele basis om plannen te maken en jezelf te ontwikkelen. Met dit wetsvoorstel pakken we de misstanden aan. Het uitgangspunt moet zijn dat bij structureel werk ook een structurele en vaste arbeidsrelatie hoort. En flexibele contracten blijven natuurlijk mogelijk, voor bijvoorbeeld het oppakken van tijdelijke klussen, het vervangen van zieke werknemers of als opstapje voor jongeren. Ik ben ontzettend blij dat dit wetsvoorstel niet alleen kan rekenen op de steun van werkgevers en de vakbonden, maar ook op een brede meerderheid in beide Kamers.”

Draaideurconstructies

Met deze nieuwe wet wordt het uitgangspunt dat tijdelijke contracten alleen bedoeld zijn voor tijdelijk werk. Na 3 tijdelijke contracten mag er 3 jaar lang geen tijdelijk contract meer worden afgesloten tussen werkgever en werknemer. Nu ligt die grens nog op 6 maanden. Met deze wijziging wordt bijna 100% van de draaideurconstructies voorkomen.

Oproepcontracten

In plaats van de nulurencontracten komt er een bandbreedtecontract. Daarin wordt er een minimum- en een maximumaantal uren afgesproken, waarbij het verschil maximaal 30% is. Dit betekent dat bij een minimum van 10 uur het maximum 13 uur is. Oproepen die boven het maximum zitten mogen door de werknemer geweigerd worden. En als er structureel meer wordt gewerkt moet er een contract worden aangeboden met een hoger aantal uren. Wel kent de wet een uitzondering voor bijbanen van mensen die een ander hoofdactiviteit hebben, zoals AOW-gerechtigden, scholieren en studenten.

Uitzendkrachten

Mensen die werken via een uitzendbureau moeten minimaal gelijkwaardige arbeidvoorwaarden krijgen als mensen die regulier in dienst zijn. Dit volgde voor beloning al uit een uitspraak van het Europees Hof van Justitie, en wordt nu voor alle arbeidsvoorwaarden vastgelegd in de Nederlandse wet. Dit onderdeel treedt eerder in werking, op 31 december 2026. Ook worden de meest onzekere fases van uitzendwerk verkort. En tot slot krijgt de minister de mogelijkheid om in te grijpen als er sprake is van structurele onderbetaling in de uitzendsector.

Arbeidsmarktpakket

Samen met enkele andere wetsvoorstellen vormt dit voorstel een hervorming van de Nederlandse arbeidsmarkt die moet zorgen voor meer zekerheid voor werknemers en meer wendbaarheid voor ondernemers. Het is het tweede wetsvoorstel van het arbeidsmarktpakket dat is aangenomen. Eerder is de wet invoering rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst op basis van een uurtarief aangenomen. Deze wetsvoorstellen vloeien voort uit afspraken die het kabinet in 2023 heeft gemaakt met vakbonden en werkgevers en zijn gebaseerd op het rapport van de commissie Borstlap uit 2020 en het SER-advies uit 2021.

Lees meer …Meer zekerheid voor mensen met een flexcontract

Herstel belastingrente vennootschapsbelasting (massaal bezwaar) gestart

De Belastingdienst is begonnen met het verminderen van aanslagen vennootschapsbelasting waarbij te veel belastingrente is berekend.

Het gaat om aanslagen waartegen op tijd bezwaar is gemaakt en die door de staatssecretaris zijn aangemerkt voor massaal bezwaar. De Hoge Raad heeft in de uitspraak van 16 januari 2026 beslist dat het belastingrentepercentage inderdaad te hoog is vastgesteld. Op 25 februari 2026 heeft de inspecteur daarop collectief uitspraak gedaan waarbij de Belastingdienst tegemoet komt aan de bezwaren.

De aanslagen die onder het massaal bezwaar vallen, herstellen we binnen 6 maanden na de collectieve uitspraak. De Belastingdienst is inmiddels begonnen met de uitvoering.

In welke situaties wordt de belastingrente verminderd?

Het gaat om 2 groepen:

  • aanslagen die onder het massaal bezwaar vallen
    Alle op tijd ingediende bezwaren die vallen onder het massaal bezwaar belastingrentepercentage vennootschapsbelasting, waaronder verzoeken om herziening van voorlopige aanslagen en combinatiebrieven.
  • aanslagen met een onjuist rentepercentage
    Aanslagen vennootschapsbelasting met belastingrente met een dagtekening tussen 16 januari 2026 en 14 februari 2026. Deze aanslagen zijn vlak na de uitspraak van de Hoge Raad vastgesteld. Hierbij is nog het oude rentepercentage toegepast. Deze aanslagen worden door de Belastingdienst verminderd.

Gefaseerde aanpak

De Belastingdienst voert het herstel in delen uit. Eerst verminderen ze de definitieve aanslagen. Daarna zijn andere aanslagsoorten en de verminderingen van de belastingrente als gevolg van het massaal bezwaar aan de beurt.

Meer weten?

Op deze website vindt u meer informatie over het massaal bezwaar voor de hoogte van het belastingrentepercentage.

Lees meer …Herstel belastingrente vennootschapsbelasting (massaal bezwaar) gestart

Kabinet komt met overzichtelijker regels in Verlofwet

Verlof helpt mensen om werk en privé beter te kunnen combineren. Dit komt de arbeidsparticipatie en een gelijke verdeling van zorgtaken ten goede. De afgelopen jaren zijn er diverse verlofregelingen bijgekomen, zoals geboorteverlof en betaald ouderschapsverlof. Hierdoor zijn er meer mogelijkheden ontstaan om werk en zorg te combineren, maar is het stelsel ook complex geworden. Tussen de verlofregelingen bestaan nu verschillen die onnodig zijn. Het Kabinet wil dit met de nieuwe Verlofwet tegengaan, zonder dat daarmee de verlofduur of de hoogte van de uitkering wordt gewijzigd. Deze Verlofwet gaat vandaag in internetconsulatie.

Het nieuwe verlofstelsel wordt ingedeeld in 3 pijlers, in lijn met het SER-advies Balans in maatschappelijk verlof. Namelijk:

  1. Verlof rond de geboorte van en de zorg voor kinderen;
  2. Verlof voor de zorg voor naasten;
  3. Persoonlijk verlof.

Pijler 1: verlof rond de geboorte van en de zorg voor kinderen

Binnen de eerste pijler worden verschillende verlofregelingen beter op elkaar afgestemd. Zo worden de opnametermijnen voor de meeste verlofvormen gelijkgetrokken. De periode waarbinnen verlof kan worden ingezet wordt nu in veel gevallen een half jaar. Ook worden de regels om verlof aan te vragen vereenvoudigd. Het aanvragen van verlof kan voortaan vooraf, tijdens en na de verlofperiode.

Zelfstandigen
Ook voor zelfstandigen wordt een vereenvoudiging voorgesteld. Bij de zwangerschaps- en bevallingsuitkering voor zelfstandigen wordt de uitkering niet meer berekend op basis van het urencriterium, maar zal er voortaan gekeken worden naar het inkomen van de zelfstandige (de winst). Het inkomen is een representatiever criterium dan het gewerkte aantal uren.

Pijler 2: verlof voor de zorg voor naasten

Het huidige kortdurend en langdurend zorgverlof worden samengevoegd tot 1 regeling van 8 weken. De eerste 2 weken blijven betaald tegen 70% van het loon. De overige 6 weken blijven onbetaald. Door de samenvoeging van de zorgverloven wordt de regeling breder inzetbaar. Werknemers kunnen het zorgverlof straks niet alleen gebruiken voor de noodzakelijke verzorging van een zieke naaste, maar ook als naasten afhankelijk zijn van hulp – zoals mantelzorg – en bij palliatieve zorg.

Pijler 3: persoonlijk verlof

Onder deze pijler worden de calamiteiten- en kortverzuimverlof opgenomen. Hierin verandert niets, behalve dat de naam van het verlof wordt ingekort tot kortverzuimverlof.

Internetconsultatie

Vanaf vandaag gaat de Verlofwet in internetconsultatie. Het streven is om deze wet in 2028 in te laten gaan. Belangstellenden kunnen tot en met 10 augustus reageren op het wetsvoorstel.

Lees meer …Kabinet komt met overzichtelijker regels in Verlofwet