Financiële begrippen

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

 

Activa
De activa zijn de bezittingen van de onderneming. Men vindt de waarde van de activa terug op de linkerzijde (de actiefzijde of debetzijde) van de balans.

Afschrijvingen
Jaarlijkse waardevermindering van de vaste activa

Terug naar boven


Balans
De balans geeft een overzicht van de waarde van de bezittingen van een onderneming (de activa) en van de bronnen waaruit deze bezittingen zijn gefinancierd (de passiva). De balans is opgesteld op een bepaald tijdstip en levert altijd een momentopname.

Balanstotaal
Het balanstotaal is de som van alle activa, wat per definitie gelijk is aan de som van alle passiva. Het balanstotaal geeft een indicatie voor de relatieve omvang van de onderneming ten opzichte van andere ondernemingen in dezelfde bedrijfstak. Bedrijven uit verschillende bedrijfstakken zijn echter met behulp van het balanstotaal niet te vergelijken. In sommige bedrijfstakken (banken, verzekeringen) is het balanstotaal de meest gebruikte maat om de relatieve omvang van een onderneming vast te stellen.

Bedrijfsresultaat
Het bedrijfsresultaat, ook wel exploitatieresultaat genoemd, is het saldo van de opbrengsten (de omzet) en de kosten uit de gewone bedrijfsvoering. Dat wil zeggen: zonder financiële kosten, zonder buitengewone baten en lasten, en zonder belastingen.

Boekjaar
Het jaar waarop de cijfers in de jaarrekening betrekking hebben. Het boekjaar loopt bij de meeste Nederlandse bedrijven vaak van 1 januari tot en met 31 december, maar dit hoeft niet. Veel Amerikaanse bedrijven kennen een afwijkend boekjaar, bijvoorbeeld van 1 juli tot en met 30 juni. Het boekjaar van de meeste Japanse bedrijven loopt van 1 april tot en met 31 maart.

Boekwaarde
De waarde waarvoor activa en passiva op de balans worden vermeld.

Terug naar boven

Cash-flow
De cash-flow is de som van het bedrijfsresultaat en de afschrijvingen.

Consolideren
Het samenvoegen van balans en winst- en verliesrekening van dochterondernemingen met die van de moedermaatschappij.
In het jaarverslag dient een moederonderneming aan te geven welke dochterondernemingen geconsolideerd zijn en welke niet. Volledige dochterondernemingen worden meestal volledig geconsolideerd, terwijl ondernemingen waarin het moederbedrijf een meerderheidsbelang bezit geconsolideerd worden naar verhouding van het percentage aandelen dat het moederbedrijf bezit. Dochterondernemingen waarin de moederonderneming minder dan 50 procent van de aandelen bezit, worden meestal niet geconsolideerd.

Crediteuren
Dit zijn leveranciers die op grond van hun leveranties een vordering op de onderneming hebben. In de balans van de onderneming komt het totaal van de op rekening gekochte goederen en diensten terug in de post crediteuren. Het gaat dus om nog niet betaalde rekeningen. Voor de onderneming vormen zij een manier om de activa te financieren. De post crediteuren staat daarom aan de passiefzijde van de balans, en hoort bij het vreemd vermogen.

Current Ratio
De Current Ratio is een kengetal voor het meten van de liquiditeit van de onderneming. De Current Ratio geeft aan tot op welke hoogte de kortlopende schulden terugbetaald kunnen worden met op korte termijn beschikbare bezittingen van de onderneming. In formulevorm:

 vlottende activa
De Current Ratio =  -----------------
 vlottende pasiva

Als vuistregel geldt dat een gezonde Current Ratio ligt tussen 1,1 en 1,5. Afzonderlijke ondernemingen en bedrijfstakken kunnen daarvan echter sterk afwijken.

Terug naar boven

Debiteuren
De debiteuren zijn afnemers van de onderneming die hun rekening nog moeten betalen. In de balans van een onderneming staat het totaal van de nog niet betaalde rekeningen opgenomen onder de post debiteuren. Het is een tegoed van de onderneming, en staat dus aan de actiefzijde van de balans.

Detachering
De omstandigheid dat de werknemer met het oog op een kennismaking met de nieuwe situatie of ter vervulling van een tijdelijke vacature al of niet op een andere lokatie of bij een andere werkgever werkzaamheden verricht.

Diensttijd
De aaneengesloten tijdsperiode gedurende welke de werknemer een arbeidsovereenkomst/dienstverband heeft dan wel had, met/bij **** (naam werkgever).

Directe kosten
Directe kosten zijn kosten die direct kunnen worden toegerekend aan een product of dienst op grond van een directe technische of organisatorische verhouding. Indirecte kosten missen deze directe relatie.

Dochteronderneming
Een dochteronderneming is een onderneming waarin een andere onderneming (de moederonderneming of moedermaatschappij) een controlerend belang heeft. Een controlerend belang wil zeggen dat de moedermaatschappij de zeggenschap heeft op grond van een (combinatie van) direct of indirect aandelenbezit. Voor een juridische definitie zie: Het Burgerlijk wetboek, Boek 2, Titel 1, artikel 24a.
Indien de moedermaatschappij direct eigenaar is van meer dan de helft van de aandelen van de dochteronderneming, dan wordt deze deelneming door de moedermaatschappij in diens jaarrekening geconsolideerd.

Terug naar boven

Eigen Vermogen
Het eigen vermogen bestaat uit het aandelenkapitaal plus de reserves (ingehouden winsten). Anders gezegd: het verschil tussen de totale activa en het vreemd vermogen.

Terug naar boven

Factoring
Factoring is het uitbesteden van de debiteurenbewaking en -inning. Een factoringmaatschappij koopt de rekeningen die een bedrijf heeft uitstaan bij zijn debiteuren op, voor een bedrag dat lager ligt dan de totale som van deze rekeningen. Als het de factoringmaatschappij lukt om (vrijwel) al deze rekeningen te innen, dan levert dat de factoringmaatschappij dus geld op. Daar staat tegenover dat de factoringmaatschappij ook het risico heeft overgenomen dat sommige debiteuren helemaal niet betalen. Het bedrijf dat de rekeningen heeft uitgeschreven is van dit risico, en de bijbehorende zorgen, af. Het weet nu precies welk percentage van de uitstaande rekeningen ook daadwerkelijk binnen zal komen, want dat is het percentage dat de factoringmaatschappij betaalt voor deze rekeningen.

Financiering
De financiering van de onderneming is de manier waarop het totale vermogen van de onderneming is samengesteld. Het gaat er dus om welk deel van het totale vermogen bestaat uit eigen vermogen en welk deel uit vreemd vermogen. En om welk deel van het vreemde vermogen bestaat uit langlopende schulden, en welk deel uit kortlopende schulden. De ondernemingsfinanciering is vooral van belang voor de solvabiliteit van de onderneming.

Formatieplaatsenoverzicht
Een registratief overzicht per een bepaalde peildatum van de functies, de aantallen met een omschrijving van de vereiste opleiding, ervaring en het fingerende Functie Waarderings Systeem niveau.

Formatieplaatsenplan
Een indicatief overzicht ten plan ten behoeve van de nieuwe situatie met de functies, de aantallen, voorzien van een omschrijving van vereiste opleiding/ervaring, niveau en inhoud.

Functie
Het geheel van werkzaamheden die opgedragen zijn aan de werknemer.r

Terug naar boven

Garantievermogen
Het garantievermogen is het eigen vermogen plus het achtergestelde vreemd vermogen. Achtergesteld vreemd vermogen bestaat uit achtergestelde leningen. Voor banken is de verhouding tussen garantievermogen en totaal vermogen een belangrijke maat voor de beoordeling van de solvabiliteit van de onderneming. Is deze verhouding in de ogen van de bank te laag, dan zal de bank niet bereid zijn het bedrijf een (nieuwe) lening te verstrekken. De bank vreest dan dat het bij een onverhoopt faillissement zijn geld niet meer zal terugzien, en dat risico wil de bank niet nemen.

Terug naar boven

ISO 14001
Een van de gangbare milieumanagementsystemen. Bedrijven die voldoen aan de eisen van ISO 14001 ontvangen een ISO 14001 certificaat. Een milieumanagementsysteem is een manier om systematisch milieumaatregelen te organiseren met inachtneming van vooraf bepaalde routines. Dit systeem vereist een milieubeleid, milieudoelstellingen, een milieuorganisatie en milieucontroles om resultaten te kunnen meten. Met als basis het milieubeleid van de organisatie ligt het in de bedoeling om continu verbeteringen door te voeren.

In een groep verbonden ondernemingen
Ondernemingen zijn in een groep verbonden, als er sprake is van een economische eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen en vennootschappen die met elkaar in een groep zijn verbonden. (Burgerlijk Wetboek, Titel 1, Art. 24b.).

Indirecte kosten
Indirecte kosten zijn kosten die niet direct kunnen worden toegerekend aan een product of dienst op grond van een directe technische of organisatorische verhouding. Indirecte kosten die oorzakelijk samenhangen met de voortbrenging van een product of dienst (bijvoorbeeld kosten van hulpstoffen) worden meestal via een bepaalde verhouding toegerekend aan het product of de dienst. Niet oorzakelijk samenhangende kosten (bijvoorbeeld administratiekosten en andere algemene kosten) worden volgens min of meer willekeurige verdeelsleutels toegerekend aan de totale kosten van het eindproduct of de dienst.

Investeringen
Een investering is vermogen dat gebruikt wordt ten behoeve van beleggingen (bijvoorbeeld in aandelen of andere waardepapieren) of ten behoeve van de aankoop van duurzame productiemiddelen (bijvoorbeeld machines, gebouwen, etc.) of voor de financiering van activiteiten. Vermogensverschaffers investeren teneinde een meeropbrengst te verkrijgen.

Terug naar boven

Kas-, bank- en girosaldi
De som van kasgeld en de giro- en banksaldi wordt ook al wel aangeduid als de liquide middelen, maar eigenlijk horen daartoe ook nog de waarde van cheques en wissels van een onderneming.

Kengetallen
Een kengetal is een cijfer dat de verhouding aangeeft tussen financiële grootheden. Men kan de financiële gegevens uit de jaarrekening analyseren met behulp van kengetallen. Er bestaat een groot aantal kengetallen.

Kostenplaats
Een kostenplaats is een eenheid (afdeling, project of activiteit) binnen de onderneming waaraan in de boekhouding kosten worden toegerekend.

Terug naar boven

Leasing
Leasing is een vorm van huur, meestal van produktiemiddelen. De lease-kosten komen tot uitdrukking in de winst- en verliesrekening. Een produktiemiddel dat is geleased is geen investering, zodat er geen vermogen nodig is voor de financiering. Bij leasing blijft de balans dus ongewijzigd. Anders gezegd: een onderneming die leaset heeft een geheel andere balans dan een onderneming die in dezelfde produktiemiddelen investeert.

Er zijn twee hoofdvormen van leasing:

Bij operationele leasing blijft de lessor (de verhuurder) juridisch en economisch eigenaar gedurende de tijd dat de lease-overeenkomst loopt. In het verhuurcontract zijn vaak extra zaken geregeld, zoals onderhoud en vervanging bij de introductie van verbeterde machines.
Bij financiële leasing betaalt de lessee (huurder) de aankoopsom plus kosten en winst aan de lessor (in termijnen). De lessee (huurder) is in dit geval juridisch eigenaar, en is verplicht om in de jaarrekening aan te geven welke productiemiddelen financieel geleased zijn,en wat de contante waarde van deze leaseverplichting is.

Liquide middelen
De liquide middelen bestaan uit de som van kasgeld en giro- en banksaldi, en de waarde van cheques en wissels van een onderneming. Liquide middelen zijn onderdeel van de balanspost vlottende activa.

Liquiditeit
Liquiditeit is het vermogen van een onderneming om op korte termijn aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen.

Liquiditeitsprognose
De liquiditeitsprognose is een overzicht van toekomstige ontvangsten en uitgaven. Bijvoorbeeld per maand, over een periode van een jaar. De liquiditeitsprognose is een middel om de liquiditeitsontwikkeling in de gaten te houden.

Terug naar boven

Moederonderneming
Een moederonderneming is een onderneming die zeggenschap uitoefent over een dochteronderneming op basis van direct en/of indirect aandelenbezit.

Terug naar boven

Netto-bedrijfsresultaat
Het netto-bedrijfsresultaat, ook wel het resultaat na belastingen genoemd, is het saldo van alle opbrengsten en kosten gedurende een periode. Dat wil zeggen: het bedrijfsresultaat vermeerderd met het saldo van de financiële kosten en opbrengsten, het saldo van de buitengewone baten en lasten, en verminderd met de belastingen.

Netto-winst
De netto-winst of het netto-verlies is gelijk aan het netto-bedrijfsresultaat.

Terug naar boven

Omlooptijd van de crediteuren
De omlooptijd van de crediteuren is een maat voor de gemiddelde tijd voor het betalen van ontvangen rekeningen.

 crediteuren
Omlooptijd in dagen = ----------------- x 365
 omzet per jaar

Omlooptijd van de debiteuren
De omlooptijd van de debiteuren is een maat voor de gemiddelde tijd voor het innen van vorderingen.

 debiteuren
Omlooptijd in dagen = ----------------- x 365
 omzet per jaar

Omzet
De omzet is het totaal van de opbrengsten voor een onderneming uit de gewone bedrijfsvoering. Na aftrek van de directe kosten en de indirecte kosten, blijft het bedrijfsresultaat over.

Outplacement
Begeleiding middels het inschakelen van externe deskundigheid inzake herplaatsing buiten **** (naam van het bedrijf / de instelling), teneinde het dienstverband op een voor werkgever en betrokken werknemer bevredigende wijze te beëindigen.

Overzicht van herkomst en besteding der Middelen
Dit is een lijst met herkomst en bestedingen van liquide middelen. Dit overzicht verklaart de verschuivingen die gedurende het boekjaar op zijn getreden in de balans.
Bij de herkomst van middelen wordt gekeken naar veranderingen in het vermogen, de passiefzijde van de balans. Als er winst wordt gemaakt en/of een nieuwe lening wordt aangetrokken, krijgt de onderneming de beschikking over een hoeveelheid geld. Dat geldt ook voor de afschrijvingen, de jaarlijkse waardevermindering van de vaste activa. Deze worden in het overzicht van de herkomst van middelen opgeteld bij de andere vormen van vrij besteedbaar vermogen. Gezamenlijk worden deze veranderingen in het vrij besteedbaar vermogen de cash-flow genoemd.

Terug naar boven

Passiva
De activa van de onderneming worden gefinancierd met kapitaal uit diverse bronnen. Dit kapitaal noemt men de passiva. Deze staan opgesomd aan de rechterzijde (de passiefzijde of creditzijde) van de balans.

Terug naar boven

Quick Ratio
De Quick Ratio is een kengetal voor het meten van de liquiditeit van de onderneming. De Quick Ratio geeft aan tot op welke hoogte de kortlopende schulden terugbetaald kunnen worden met op korte termijn beschikbare bezittingen van de onderneming, waarbij de voorraden buiten beschouwing worden gelaten. (De voorraden horen namelijk wel bij de vlottende activa, maar zijn niet bedoeld of geschikt om kortlopende schulden mee te voldoen.) De Quick Ratio laat dus, in tegenstelling tot de Current Ratio, de voorraden buiten beschouwing. In formulevorm:

 vlottende activa - voorraden
De Quick Ratio = ----------------- 
 vlottende passiva

Als vuistregel geldt dat een gezonde Quick Ratio ligt tussen 0,5 en 1. Afzonderlijke ondernemingen en bedrijfstakken kunnen daarvan echter sterk afwijken.

Terug naar boven

Rekening courant-krediet
Rekening courant-krediet is een vorm van doorlopend krediet. Het is een rekening bij de bank waarop de onderneming tot een zeker niveau negatief kan staan. Meestal verlangt de bank zekerheden voor de verlening van dit soort krediet.

Relatiepartner
De persoon met wie de werknemer, met het oogmerk duurzaam samen te leven, een gemeenschappelijke huishouding voert, hetgeen blijkt uit een ten bewijze daarvan door de werknemer aan de werkgever overgelegde notariÎle verklaring/schriftelijke verklaring overeenkomstig door het bevoegd gezag gestelde regels ingericht.

Rentabiliteit
De rentabiliteit is de winstgevendheid van een onderneming in verhouding tot de omzet, het eigen vermogen, of het totale vermogen. De meest gangbare kengetallen voor rentabiliteit zijn:

de Rentabiliteit van de Omzet, of Return on Sales (ROS):
          netto-winst
ROS = ----------- omzet

de Rentabiliteit van het Eigen Vermogen (REV) of Return on Investment (ROI):
 netto-winst
REV = --------------
          (gemiddeld) eigen vermogen

de Rentabiliteit van het Totale Vermogen (RTV):
             bedrijfsresultaat
RTV = -----------------
            (gemiddeld) totale vermogen

de Rentabiliteit van het Werkzaam Vermogen (RWV):
           bedrijfsresultaat
RWV = ------------------
       (gemiddeld) werkzaam vermogen

Als vuistregel voor een goede rentabiliteit geldt de rente op lange termijn (obligatie-)leningen plus een ondernemersrisico van circa 10 procent.

Reorganisatie
Bedrijven veranderen permanent. Een reorganisatie is een versnelling in dit veranderingsproces. Een reorganisatie betekent een meer of minder ingrijpende verandering in de organisatie. Over het algemeen gaat het de directie bij een reorganisatie om bedrijfseconomische motieven (kosten, winst, rendement) en management-motieven (de organisatie is minder beheersbaar geworden). Sociale doelstellingen zoals werkgelegenheid of humanisering van de arbeid komen we vrijwel niet tegen.

Terug naar boven

Schulden op korte termijn
Schulden op korte termijn (ook wel kort vreemd vermogen, kortlopende schulden, of vlottende passiva genoemd) zijn leningen met een looptijd van een jaar of korter.

Schulden op lange termijn
Schulden op lange termijn (ook wel lang vreemd vermogen) zijn leningen met een looptijd langer dan een jaar.

Solvabiliteit
Solvabiliteit is het vermogen van een bedrijf om aan zijn verplichtingen tegenover zijn vermogensverschaffers te voldoen. De solvabiliteit wordt uitgedrukt in een solvabiliteitskengetal.

                      eigen vermogen 
solvabiliteit = -----------------
                       totale vermogen

Hoe hoger de solvabiliteit hoe kleiner de afhankelijkheid van externe vermogensverschaffers: verschaffers van vreemd vermogen. Heeft een bedrijf een lage solvabiliteit dan is het niet in staat extra vreemd vermogen aan te trekken om zijn activiteiten te financieren. Solvabiliteit is dus een maatstaf voor banken voor het risico van het verstrekken van krediet.
Als vuistregel geldt dat de solvabiliteit minimaal tussen de 0,2 en 0,35 ligt (In procenten: tussen de 20 en 35 procent).

Terug naar boven

Totale vermogen
Dit is het totaal van het eigen vermogen en het vreemd vermogen, ofwel het balanstotaal.

Terug naar boven

Variabele kosten
Variabele kosten zijn bedrijfskosten die variëren met de produktieomvang of het activiteitenniveau.

Vaste activa
Vaste activa zijn bezittingen die langer dan een jaar tot de beschikking van de onderneming staan.

Vaste kern (van de vlottende activa)
De vaste kern (van de vlottende activa) is het min of meer permanente deel van de waarde van de vlottende activa. Bijvoorbeeld de waarde van strategische voorraden.

Vaste kosten
Vaste kosten zijn bedrijfskosten die bij een gegeven capaciteit van de onderneming stabiel blijven.

Vermogensverschaffers
Vermogensverschaffers vallen uiteen in de verschaffers van het eigen vermogen van de onderneming (de aandeelhouders of eigenaren) en de verschaffers van het vreemd vermogen (de financiers: banken, crediteuren, en anderen).

Vlottende activa
De vlottende activa zijn bezittingen van de onderneming waarvoor geldt dat het vermogen dat er in is geïnvesteerd binnen een jaar vrijkomt. Het gaat om de waarde van de liquide middelen, van de debiteuren, van de voorraden (grondstoffen en eindproducten) en van de verkoopbare effecten.

Vlottende passiva
De vlottende passiva zijn schulden met een looptijd van ten hoogste een jaar.

Voorraden
De voorraden zijn de grondstoffen, hulpstoffen en eindproducten die in eigendom zijn van de onderneming en die bedoeld zijn voor de omzet van de onderneming. De voorraden vormen een onderdeel van de vlottende activa.

Vreemd vermogen (kort en lang)
Zie schulden op korte en lange termijn.

Terug naar boven

Waardering
Waardering is de bepaling van de geldswaarde van de activa. Er zijn diverse methoden voor waardering van de materiële vaste activa.

Werkkapitaal (netto)
Het (netto-)werkkapitaal is een kengetal voor de liquiditeit. Het is het verschil tussen vlottende activa en vlottende passiva. Het werkkapitaal geeft een indicatie van de hoeveelheid middelen die het bedrijf op korte termijn beschikbaar heeft om, ook als alle kortlopende schulden worden afgelost, de nodige uitgaven te doen om het bedrijf draaiende te houden.
Als vuistregel geldt dat een bedrijf op dit punt gezond is als het netto-werkkapitaal positief is.

Werkkapitaal-management
Werkkapitaal-management is de beheersing van de vlottende activa en de vlottende passiva (afzonderlijk en ten opzichte van elkaar) ter verbetering van de liquiditeit.

Werkkapitaal-ratio
De werkkapitaal-ratio is een kengetal voor de liquiditeit. De werkkapitaal-ratio relateert de omvang van het werkkapitaal aan de omvang van het totale vermogen van het bedrijf. Hoe groter het bedrijf, hoe meer werkkapitaal er immers nodig is om het bedrijf draaiende te houden. In formulevorm:

                                   netto-werkkapitaal
De werkkapitaal-ratio = -----------------
                                       totaal vermogen

Als vuistregel geldt dat een bedrijf op dit punt gezond is als de werkkapitaal-ratio tussen de 1,5 en 2 ligt.

Werkzaam Vermogen
Het werkzaam vermogen is het totale vermogen minus de vlottende passiva.

Wettelijke uitkeringen
De basis-, verlengde- en de vervolguitkering ingevolge de Werkloosheidswet (WW), de uitkering ingevolge de Toeslagenwet (TW) en de uitkering ingevolge de wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) alsmede de ZW (Ziektewet) en de AAW/WAO (Wet Arbeidsongeschiktheid). Als netto wettelijke uitkeringen worden beschouwd de voornoemde uitkeringen, vermeerderd met de overhevelingstoeslag, verminderd met de verplichte inhoudingen.

Winst- en Verliesrekening
De winst- en verliesrekening of resultaatrekening is een overzicht van de opbrengsten en kosten over een bepaalde periode. Het saldo van de opbrengsten (de omzet) en kosten uit de gewone bedrijfsvoering is het bedrijfsresultaat. Het verschil tussen alle opbrengsten en kosten is het resultaat na belastingen (ofwel de netto-winst of het netto-verlies). De winst- en verliesrekening geeft inzicht in de gang van zaken bij een bedrijf in een bepaalde periode.

Winstreserve
De winstreserve is het deel van de reserves van een onderneming dat is gevormd door niet uitgekeerde (ingehouden) winst.

Terug naar boven